Inschrijven Nieuwsbrief

Op deze pagina

Omdat Geert nu op een ander adres woont adviseert de notaris om te gaan trouwen, na 32 jaar te hebben samengewoond.

Ons nieuwe leven

We zullen nooit meer samenwonen. Geert wordt overgeplaatst naar een verpleeghuis, omdat ik zo moe ben en zijn dwingende en claimende gedrag thuis echt niet meer aan kan. Hij komt op een afdeling voor demente bejaarden, niet ideaal natuurlijk. 

We moeten erg wennen aan de nieuwe situatie en proberen te verwerken hetgeen ons in korte tijd is overkomen. Geert heeft een vast plekje op de bank in de huiskamer. Hij verdraagt niemand naast zich, maar maakt voor mij een uitzondering. Zijn medicatie wordt geminderd. Ik ga dagelijks bij hem op bezoek, want ik mis hem erg. Ik knip zijn nagels en haren en neem zijn was mee naar huis, dan is hij toch nog een beetje bij me. 

Geert moet een nieuwe bril. Bij de opticien moet ik alle zeilen bijzetten om de aankoop in goede banen te leiden. Het maakt me niets uit wat een ander van hem vindt, mijn man is ziek en kan er niets aan doen. Als het moet ga ik voor hem door het vuur, zo voel ik het. 

Een periode is Geert erg angstig en in de war. Hij wil dood, omdat zijn lichaam zo schokt. Hij struikelt of valt regelmatig. Ik heb erg met hem te doen, het begroot me zo. 

We hebben een Samenlevingscontract, maar nu Geert op een ander adres woont moet het aangepast worden. De notaris zegt dat door te gaan trouwen alles in één keer goed geregeld is. Als ik bij Geert kom leg ik hem de situatie uit. Dan kniel ik voor hem op de grond en vraag: “Wil je met me trouwen?”. Geert zegt volmondig “Ja”. We zoenen elkaar en spreken af dat ik onze ondertrouw ga aanvragen. Eindelijk hebben we weer iets positiefs om naar toe te leven, ik word er helemaal gelukkig van. 

De grote dag is daar, Geert en ik gaan trouwen na 32 jaar te hebben samengewoond. De plechtigheid vindt plaats in de huiskamer van de afdeling. We branden een kaarsje voor nicht Théa. Hand in hand zitten we naast elkaar op 'zijn' bankje. Geert antwoordt luid en duidelijk met: “Ja, ik wil” en zet vol toewijding twee prachtige handtekeningen. Tot slot luisteren we naar ons liefdesliedje 'Make you feel my love' van Adele. 

Na de trouwplechtigheid worden we verrast met een bruidstaart waarop een mooie foto van ons. Dan volgen felicitaties, bloemen en cadeautjes. Geert geniet zichtbaar en houdt zich erg goed en ik...., ik ben ontzettend trots op hem en enorm gelukkig. 

Ons trouwen heeft een goede uitwerking op Geert. Wat een trouwe echtgenoot heb ik toch, hij zit altijd op z'n bankje op mij te wachten en ik vind hem zó lief. 

De telefoon gaat: Geert is vannacht uit bed gevallen. Hij heeft ontzettend veel pijn, zijn linkerschouder is als een bal zo dik en zwart/blauw van kleur. Op de spoedpoli wijzen de X-foto's uit dat zijn schouder op twee plaatsen gebroken is. Zijn arm komt in een 'sling' en hij krijgt morfinepleisters mee. Nadat Geert weer eens is gestruikeld, moet hij alsnog geopereerd worden. Op mijn verzoek word ik samen met hem in het ZH opgenomen. 

Voor het eerst brengen we de nacht weer samen door, het is niet te vergelijken met 

vroeger, maar het voelt wel vertrouwd. Ik douche en verzorg hem. Na de operatie belt de Verkoeverkamer of ik wil komen. Alle medewerkers staan rond het bed van Geert en proberen hem in bedwang te houden. Geert gaat als een 'wildebeest' te keer. Ik moet zijn hoofd vasthouden en hem geruststellen. Zijn infuus sneuvelt, de operatiewond bloedt heftig. Al snel zit ook ik onder zijn bloed en zweet. Het 'gevecht' duurt zeker een half uur. Dan wordt Geert rustiger en uiteindelijk valt hij in slaap. Ik ga douchen en moet even bijkomen. De complimentjes van de zusters doen me goed. 

De volgende dag zie ik dat het niet goed gaat met Geert, zijn bed is kletsnat van het zweet en de wond blijft bloeden. Ik ben bang dat hij in shock raakt en bel de zuster: pols te snel, bloeddruk en temperatuur veel te laag. Artsen buigen zich over mijn mannetje en prikken hem bijna 'lek'. Uiteindelijk lukt het in zijn enkel het infuus in te brengen. Geert krijgt twee zakken bloed. Ik help de zusters waar ik kan (moet toch wat doen voor de kost, nietwaar). Na een week mogen we met ontslag. Ik ben dankbaar dat ik deze dagen dicht bij hem heb mogen zijn. Hebben we toch weer even samengewoond, nu zelfs als echtpaar!

 

 

Vereniging van Huntington is aangesloten bij