De eerste opname in de crisisopvang
Na de echtscheiding van Heleen en haar man wordt hun gezamenlijke woning verkocht. Heleen weigert obstinaat de woning te verlaten. Uiteindelijk volgt een gedwongen opname…
Gedeeltelijke ontruiming van de echtelijke woning
Na de echtscheiding van Heleen is de eigen woning verkocht aan een stel dat vraagt of zij al eerder over de garage kunnen beschikken om een en ander op te slaan. Aldus wordt overeengekomen. Contractueel wordt dit vastgelegd en men zal zelf zorgdragen voor een verzekering van de inboedel, omdat ik niet weet hoe Heleen hierop zal reageren.
De garage wordt ontruimd en woensdag is het zover. De jongelui hebben al kennis gemaakt met de boze buien van Heleen en vragen of ik aanwezig wil zijn. Dat had ik zelf al bedacht.
Tegen de middag ga ik bij Heleen koffiedrinken. De tijd verstrijkt, maar er arriveert niemand. Heleen is obstinaat. Ik ga even weg en zeg haar dat ik met een uurtje terug ben. Die boodschap laat ik ook bij de buren achter. Even doelloos door het winkelcentrum gezworven en een broodje gegeten in de lunchroom. Inmiddels ook contact opgenomen met de Geestelijke Gezondheidsdienst met het verzoek of Tineke, de Sociaal Psychisch Verpleegkundige, die middag even komt.
Het gaat mis…
Terug bij “Huize Heleen” hoor ik dat het flink mis is. De toekomstige nieuwe bewoners hebben de garagedeur aan de binnenkant al gebarricadeerd. Ik maak even een praatje met ze en begrijp dat Tineke al aanwezig is. ’t Lijkt me beter om me even niet te laten zien. De buurvrouw zet een kop thee voor mij. We horen Heleen vreselijk te keer gaan. Hartverscheurend!
Uiteindelijk toch maar naar haar toegegaan. Tineke is blij dat ik er ben en zij besluit te vertrekken want zij moet buiten de stad op verjaardagsvisite bij een neefje. Op dat moment vliegt Heleen mij aan. Ik vraag Tineke of zij Heleen onder deze omstandigheden alleen kan laten. Dat is toch niet verantwoord? Het kost overredingskracht, maar zij ziet in dat het zo niet door kan gaan. Heleen staat tegen de garagedeur te beuken. Collega’s worden gebeld, die op hun beurt een psychiater waarschuwen. Politie komt papieren ophalen om door de burgermeester te laten tekenen. Wanneer deze papieren, opnieuw door de politie, worden teruggebracht zijn we uren verder.
Geen uitweg meer behalve een gedwongen opname
Er worden pogingen gedaan om een opnameplek voor Heleen te vinden. Zittend op de trap zit een van de heren driftig te telefoneren. De ander houdt Heleen in het oog. Dat is nodig ook, want soms zet ze de aanval op de hulpverleners in of ik krijg de volle laag.
Tijdens mijn “middagpauze” in het winkelcentrum heb ik wat broodjes gekocht. Deze verorberen we tussenbeide. Eindelijk is er een plaats voor haar gevonden in een psychiatrische instelling in het zuiden van het land. Niet bepaald naast de deur. De ambulance rijdt voor en vertikt het om “zoiets” te vervoeren. De psychiater wordt weer opgetrommeld. Hij geeft haar medicijnen, maar die wil ze niet hebben. “Slikken Heleen!!... Heleen, slikken!!...” wordt er steeds gezegd. Slikken… slikken… slikken…!’’

Ik wil het even niet horen en ga een eindje met Robby lopen. Dat heb ik al eerder gedaan die middag. De hond is ook gestrest.
Om de tijd te doden had ik ook al een tas met toiletartikelen enzovoort klaargezet. Om 21 uur is Heleen zover dat de ambulancebroeders haar mee willen nemen. Moeder gebeld en verslag uitgebracht. Zij zal samen met een oom komen om Robby op te halen. Als Robby ook weg is, ruim ik de woning een beetje op en doe de afwas. Om kwart voor elf ben ik thuis.
Ik ben moe.
Christien





